woensdag 27 maart 2013

Ramses Shaffy - Laat me




Ik ben misschien te laat geboren,
of in een land met ander licht.
Ik voel me altijd wat verloren,
al toont de spiegel mijn gezicht.
Ik ken de kroegen, kathedralen,
van Amsterdam tot aan Maastricht.
Toch zal ik elke dag verdwalen,
dat houd de zaak in evenwicht.

Laat me, laat me
Laat me m'n eigen gang maar gaan.
Laat me, laat me,
Ik heb het altijd zo gedaan.

Ik zal m'n vrienden niet vergeten,
want wie me lief is blijft me lief.
En waar ze woonde moest ik weten,
maar ik verloor hun laatste brief.
Ik zal ze heus nog wel ontmoeten,
misschien vandaag misschien over een jaar.
Ik zal ze kussen en begroeten,
komt vanzelf weer voor elkaar.

Laat me, laat me
Laat me m'n eigen gang maar gaan.
Laat me, laat me,
Ik heb het altijd zo gedaan.

Ik ben gelukkig niet verankerd,
soms woon ik hier, soms leef ik daar.
Ik heb m'n leven niet verkankerd,
Ik heb geen bezit en geen bezwaar.
Ik hou van water en van adem,
ik hou van schamel en van duur.
Er is geen stuiver die ik spaarde,
ik leef gewoon van uur tot uur.

Laat me, laat me
Laat me m'n eigen gang maar gaan.
Laat me, laat me,
Ik heb het altijd zo gedaan.

Ik zal ook wel eens een keertje sterven,
daar kom ik echt niet onderuit.
Ik laat m'n liedjes nou maar zwerven,
en verder zoek je het maar uit.
Voorlopig blijf ik nog jou zanger,
jou zwarte schaap jou trouwe fan.
Ik blijf nog lang en liefst nog langer,
laat me blijven wie ik ben.

Laat me, laat me
Laat me m'n eigen gang maar gaan.
Laat me, laat me,
Ik heb het altijd zo gedaan.

Laat me, laat me
Laat me m'n eigen gang maar gaan.
Laat me, laat me,
Ik heb het altijd zo gedaan.





zaterdag 23 maart 2013

Een vrolijk lentelied




Daar is de lente, daar is de zon
bijna - maar ik denk dat ze weldra zal komen -,
de fallus impudicus staat al in bloei
en de blaadjes krijgen bomen !

M’n vrouw en m’n kat zijn allebei krols,
het valt me moeilijk ze rustig te houden,
ik zal binnenkort weer ‘n heleboel
nesten moeten bouwen !

De bloembollen barsten open met een
knal en de meisjes ontbloten de kuiten,
de bouwvakkers hebben na ‘n nare tijd
weer iets om naar te fluiten !

Daar is de lente, daar is de zon
bijna - maar ik denk dat ze weldra zal komen -,
de fallus impudicus staat al in bloei
en de klokken vertrekken naar Rome !





maandag 18 februari 2013

Jacques Prévert - Un beau matin




Il n'avait peur de personne
Il n'avait peur de rien
Mais un matin un beau matin
Il croit voir quelque chose
Mais il dit Ce n'est rien
Et il avait raison
Avec sa raison sans nul doute
Ce n'était rien
Mais le matin ce même matin
Il croit entendre quelqu'un
Et il ouvrit la porte
Et il la referma en disant Personne
Et il avait raison
Avec sa raison sans nul doute
Il n'y avait personne
Mais soudain il eut peur
Et il comprit qu'il était seul
Mais qu'il n'était pas tout seul
Et c'est alors qu'il vit
Rien en personne devant lui.





zaterdag 16 februari 2013

Paul Kustermans - Oorlogsjaren




De tellende stemmen naderen nu onrustwekkend. Zo dadelijk zijn Barbara en ik aan de beurt.
‘Zes.’
‘Zeven!’ De vrouw schreeuwt haar nummer.
‘Acht’, roept mijn buurman. Hij loert naar me alsof hij het noodlot aan mij wil doorgeven.
Ik verstijf. De regen lekt van mijn gezicht. Ik ben nummer negen en naast me staat Barbara. Ik voel haar heup tegen de mijne. Barbara, mijn tweelingzus. Ik slik, trek mijn schouders achteruit en zeg zo vast ik kan: ‘Tien!’ Maar de soldaat heeft het gemerkt.
‘Nein, dummkopf. Neun. Nummer neun!’
‘Tien’, snikt Barbara en ze zet zelf een stap vooruit. Ik wil haar achteruit trekken en haar plaats innemen, maar de officier drijft zijn paard vooruit.
‘Keine Frauen ! Du !’
Met zijn zweepje wijst hij de volgende man aan.  Snikkend komt Barbara terug naast me staan.
Ik kijk naar de man die in Barbara’s plaats naar het kleine groepje wordt gedreven. Hij is oud. In het voorbijgaan kijkt hij Barbara aan en glimlacht wat weemoedig.


vrijdag 15 februari 2013

Georges Simenon - Maigret et le Clochard




“Tout en parlant, il avait la bille de sa poche et il la faisait rouler sur la nappe.
- Qu'est-ce que c'est?
- Une bille. Le Toubib en possédait trois.
Elle regardait son mari avec attention.
- Tu l'aimes bien, non?
- Je crois que je commence à le comprendre.
- Tu comprends qu'un hommme comme lui devienne clochard?
- Peut-être. Il a vécu en Afrique, seul blanc, éloigné des villes et des grand-routes. Là aussi il a été déçu.
- Pourquoi?
N'était-il difficile d'expliquer ça à Mme Maigret qui avait passé sa vie dans l'ordre et la propreté?
- Ce que je cherche à deviner, continuait-il sur un ton léger, c'est en quoi il pouvait être coupable.
Elle avait l'air de ne pas comprendre.
- Coupable? Que veux-tu dire? C'est lui qu'on a attaqué et jeté dans la Seine, non?
- Il est la victime, c'est vrai. Mais souvent, dans un crime, la victime partage dans un large mesure la responsabilité de l'assassin.”



zondag 10 februari 2013

Toon Hermans - Een beetje




Sterven doe je niet ineens
maar af en toe `n beetje
en alle beetjes die je stierf
't is vreemd, maar die vergeet je
het is je dikwijls zelf ontgaan
je zegt ik ben wat moe
maar op `n keer dan ben je aan
de laatste beetje toe.



vrijdag 1 februari 2013

Hugo Claus - Ik schrijf je neer




Ik schrijf je neer

Mijn vrouw, mijn heidens altaar,
Dat ik met vingers van licht bespeel en streel,
Mijn jonge bos dat ik doorwinter,
Mijn zenuwziek, onkuis en teder teken,
Ik schrijf je adem en je lichaam neer
Op gelijnd muziekpapier.

En tegen je oor beloof ik je splinternieuwe horoscopen
En maak je weer voor wereldreizen klaar
En voor een oponthoud in een of ander Oostenrijk.

Maar bij goden en bij sterrenbeelden
Wordt het eeuwige geluk ook dodelijk vermoeid,
En ik heb geen huis, ik heb geen bed,
Ik heb niet eens verjaardagsbloemen voor je over.

Ik schrijf je neer op papier
Terwijl je als een boomgaard in juli zwelt en bloeit.